telSpoed & crisis

Natuurlijk heb ik veel nare dingen meegemaakt maar het is echt niet alleen maar ellende

#praktijkverhalen

[vc_row][vc_column][vc_column_text]Oud cliënt Hanneleen vertelt haar verhaal

Een uithuisplaatsing is enorm heftig maar toch is het soms de beste oplossing. Dit was het geval bij Hanneleen. Zij is blij dat ze drie jaar geleden uit huis werd geplaatst want het ging helemaal mis. Zij vertelt haar verhaal om andere jongeren een hart onder de riem te steken.

‘Mijn ouders zijn gescheiden en hadden de vreselijkste ruzies. Mijn zus en ik zaten daar tussen’ vertelt Hanneleen. ‘Er is van alles geprobeerd, hulpverlening, therapie maar niets hielp. Uiteindelijk greep de kinderrechter in met een ondertoezichtstelling. Toen kwam Inge, een jeugdbeschermer. Dat gaf lucht, Inge zorgde ervoor dat er naar ons werd gekeken in plaats van naar mijn ouders en de communicatie verliep voortaan via haar in plaats van via ons. Helaas hielden de ruzies niet op’

Ik wilde er een eind aan maken

‘Ik probeerde te verwerken wat er allemaal was gebeurd, maar dat lukte niet want er was teveel aan de hand: de spanningen thuis liepen op, het ging niet goed op school en ik werd gepest omdat ik niet op hetzelfde level zat als mijn klasgenoten. Toen ook mijn zus weer bij mijn moeder en mij kwam wonen ging het helemaal mis. De eetstoornis waar mijn zus eerder mee kampte, kwam in deze periode in de volle hevigheid terug. Dat kwam niet alleen door de scheiding maar de gespannen situatie tussen mijn ouders maakte het wel erger. Ik vond het heel erg voor haar, maar een eetstoornis overheerst alles. Ik raakte haar gevoelsmatig kwijt en was echt aan het overleven. Ik werd zo depressief dat ik er een eind aan wilde maken.’ Hanneleen was toen 14.

Dit moet stoppen want jij gaat er aan onderdoor

‘Dat is het moment dat Inge ingrijpt. Zij zei tegen mij: ‘Dit moet stoppen want zo ga jij er aan onderdoor. We moeten kijken naar wat jij nodig hebt.’ En wat ik nodig had, was gewoon rust. Weg uit de spanning. We bespraken de mogelijkheid van een uithuisplaatsing. Een time-out zodat ik aan mezelf kon werken. Dat was geen gemakkelijk besluit maar wel nodig, het ging echt niet meer zo.’

Wel heel eng

‘Ik stond er helemaal achter maar vond het natuurlijk wel heel eng. Waar zou ik terecht komen? Hoe zou het gaan? Mijn koffer heb ik met zorg ingepakt. Ik nam allerlei dingen mee om mijn kamer gezellig te maken. Ik was best verlegen en vond het doodeng om de groep binnen te stappen op de crisisopvang. Ik wist me geen houding te geven dus gaf iedereen een handje, heel keurig. Daar hebben we later wel een beetje om moeten lachen. De eerste weken zat ik vooral boven op mijn kamer. Later werd ik veel closer met de anderen en zat ik meer in de huiskamer. We hebben allemaal een rotverleden en dat schept een band. Na twee maanden crisisopvang, ging ik naar een pleeggezin. Opnieuw wennen. Ik had geen enorme klik met mijn pleegouders, maar was blij dat ik op mijn eigen school kon blijven. Na vijf maanden ging ik naar een pleeggezin in Rotterdam. Dat klikte veel beter.’

Ik wilde perse mijn HAVO halen

‘Vlak voor mijn eindexamen heb ik nog even bij mijn moeder gewoond. Het was fijn om weer de warmte te hebben van mijn eigen moeder maar in het huis was niets veranderd. Er waren nog steeds heel veel spanningen en herinneringen. Dat was lastig maar ik wist dat het tijdelijk was. Ik wilde perse mijn HAVO diploma halen, dat was mijn focus. Ik wilde gewoon niet dat mijn verleden me in de weg zat.’

Je bent niet waar je woont

Hanneleen doet nu de school voor journalistiek en woont op kamers. ‘Ik wil iets met mijn ervaringen doen, mensen inspireren. Mensen hebben vaak een vooroordeel over kinderen in de jeugdzorg, maar wij zijn gewone jongeren, met een bijzonder verhaal. Je bent niet waar je woont!’

Het heeft me ook sterker gemaakt

‘Natuurlijk heb ik veel nare dingen meegemaakt maar het is echt niet alleen maar ellende. Het heeft me ook sterker gemaakt. Ik ben mezelf flink tegengekomen en weet inmiddels heel goed wie ik ben. Voorheen was ik erg verlegen, nu maak ik veel makkelijker contact. Ik weet beter waar mijn grenzen liggen en wil dat mensen dat respecteren. Mijn vader kon dat niet, waardoor ik het contact uiteindelijk met hem heb verbroken. Dat is heel moeilijk geweest maar wel het beste. Met mijn moeder gaat het nu goed. We gunnen elkaar meer en weten wat we aan elkaar hebben. Het is soms best moeilijk maar ik weet dat ik op mezelf kan bouwen en dat ik niet 1,2,3 omval. Waar ik over vijf jaar ben? Ik hoop dat ik mijn studie heb afgerond en iets positiefs kan doen met mijn ervaringen. En natuurlijk hoop ik dat ik gewoon gelukkig ben.’

 

Tekst: Jeanette Benschop

 

[/vc_column_text][/vc_column][/vc_row]

Reacties op dit bericht

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Archief

Tags