telSpoed & crisis
jeugdzorg

De illusie van welbevinden

#opinie

Afgelopen week hoorde ik psycholoog Martin Appelo op de radio. Hij gaf vanuit zijn referentiekader een uitleg dat het proces van de huidige stikstofcrisis naar zijn mening verloopt volgens de theorie van ‘de illusie van welbevinden’.

Een crisis ontstaat omdat allerlei waarschuwingen worden genegeerd. Ineens gaat het mis omdat niet alles kan. Iedereen begint naar elkaar te wijzen en anderen moeten het maar gaan oplossen. Vervolgens wordt aan allerlei partijen, zelfs aan degenen die gewaarschuwd hebben, gevraagd: ‘Waarom heb jij het niet opgelost?’ Zolang er geen crisis is, denkt iedereen dat het niet zo’n vaart zal lopen. Want als er iets mis gaat, treft het ons niet direct, komen we er wel snel weer overheen of we lossen het dan wel weer op.

Oplossing ligt bij jezelf

Ons brein doet dat ook de hele dag om te voorkomen dat we steeds in een depressie raken omdat we zaken wel zien, maar niet kunnen oplossen. Het brein creëert een illusie om jezelf vrij te pleiten. Martin Appelo geeft aan dat de oplossing bij jezelf ligt. Je moet je concentreren op wat je zelf kunt beïnvloeden. Soms is dat veel en in andere gevallen is dat maar zeer beperkt. Dat hangt ook af van de positie en de middelen die je hebt. In het geval van stikstof zal zich dat voor mij beperken tot misschien nog iets vaker de trein of fiets nemen, minder lang douchen en minder vlees eten.

Vergelijk met het jeugdzorgstelsel

Als ik het vergelijk maak tussen de stikstofcrisis en de huidige ontwikkeling in het jeugdzorgstelsel, dan zie ik dat iedereen volop signalen geeft, maar dat er nog geen formele crisis is afgekondigd. Denk hierbij aan de stakingen in Den Haag, de complexiteit van het realiseren van het juiste zorgaanbod, de financiële tekorten bij gemeenten, de toenemende deelname van jeugdigen aan jeugdzorg, de administratieve lastendruk, het tekort aan mensen, het niet dalende aantal uithuisplaatsingen etc. Hoeveel signalen willen we eigenlijk hebben?

Het verschil maken

Als we ons nu eens afvragen wat wij als Jeugdbescherming west kunnen doen, met onze beperkte invloed en middelen. Om nu een klein beetje het verschil te maken en straks antwoord te kunnen geven op de vraag: wat hebben wij gedaan als de echte crisis uitbreekt? Als organisatie denken we hier steeds over na. Een aantal zaken die wij nu aanpakken zijn:
• veel investeren in behoud, opleiding en gezondheid van onze medewerkers en ook nieuwe medewerkers laten zien dat ze welkom zijn en dat we ze begeleiden om dit mooie vak ook uit te gaan voeren;
• middels het samenspel in pilots over alle regio’s investeren in de samenwerking met sociale- en wijkteams en zorgaanbieders om de stapeling van zorg van kwetsbare gezinnen om te buigen naar de juiste zorg en eigen regie terug te krijgen, waarbij goed genoeg al een heel mooi streven is;
• streven naar het sterk terugbrengen van uithuisplaatsingen;
• steeds weer in de buitenwereld herhalen van dezelfde mantra wat er moet gebeuren, waarbij we wel steeds meer zien dat we als gecertificeerde instellingen (GI’s) vaker gezamenlijk daarin optrekken en medestanders vinden in het politieke spectrum.

Géén verdwaasde struisvogel

We willen immers niet, zoals Martin Appelo zegt, de verdwaasde struisvogel zijn die zijn kop in het zand steekt. Laten we met elkaar hopen dat als er een crisis in de jeugdzorg komt, dit is omdat het stelsel zichzelf opblaast en niet door drama’s in gezinnen. Wordt zeker vervolgd…

Joost van der Hulst, bestuurder

Foto: Jeugdbescherming west

Reacties op dit bericht

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Archief

Tags