telSpoed & crisis
jeugdbescherming

Grensverleggend werken; ook de gemeente aan zet

#opinie

Niet lang geleden zag ik een stukje van Radar over de zogenaamde ‘WMO-verhuizers’. Dat zijn mensen die uit een gemeente gaan verhuizen omdat ze vanuit de WMO onvoldoende steun krijgen en in die andere gemeente juist wel. Toen ik dat hoorde, dacht ik: kennen wij dit ook in de jeugdzorg? En dan bedoel ik gezinnen die verhuizen omdat de hulp die zij nodig hebben voor hun kinderen niet beschikbaar is in de gemeente waar ze wonen.

Als gedragswetenschapper ben ik al geruime tijd werkzaam bij het Expertiseteam Complexe Zorg. Bij het Expertiseteam ondersteunen we bij complexe zorgvragen. We werken hierin voor verschillende regio’s en krijgen ook wel eens vragen over jeugdigen uit andere regio’s. En hoewel er veel en snel verandert in het zorglandschap, hebben we een goed beeld in ons team welke zorg waar beschikbaar is. Het komt dan ook geregeld voor dat als we het in het belang vinden van een jeugdige we over regiogrenzen heen kijken op zoek naar een passende oplossing.

Verschillen tussen gemeenten groot

Ik zou graag vertellen dat dit niet vaak nodig is, maar eerlijk gezegd verschilt dit nogal. In de ene gemeente is meer mogelijk dan in de andere. Hoewel niet elke verwijzer dit ziet of merkt, omdat er juist vanuit een specifieke gemeente wordt gewerkt, zien wij in het Expertiseteam deze verschillen wel. Onze collega’s werkzaam bij de zorgaanbieder merken dit ook. Budgetplafonds (als de zorgaanbieder zijn maximale toelaatbare budget voor zorg heeft bereikt voor het aflopen van het contractjaar) voor de ene gemeente, maar ruimte voor kinderen uit de andere gemeente.

Onverwachte plaatsingen

Recent hebben we een jongen die misschien niet bovenaan de wachtlijst stond toch al kunnen plaatsen. Dat kwam omdat de kinderen die al langer stonden te wachten uit een gemeente kwamen met een budgetplafond. Of terwijl we voor een ander meisje met een voogdijmaatregel in een andere regio oplossingen zochten, bleek opeens het woonplaatsbeginsel geen probleem meer te zijn. En was er onverwacht een plek. Terwijl was gemeld dat ze met haar voogdijmaatregel niet op de wachtlijst stond.

‘We willen wel, maar kunnen niet’

Geregeld komt het voor dat een verwijzer denkt een passende vorm van zorg gevonden te hebben, maar dat de zorgaanbieder niet het juiste contract heeft met de gemeente. Hierdoor kan de zorg niet starten. En soms moet er van alles geregeld worden of soms kan helemaal niet gestart worden. En het komt ook voor, dat als we de gemeente van herkomst weten, er flink gezucht wordt door de zorgaanbieder. Want ja, budgetten en krapte: ‘We willen wel iets voor het kind, maar kunnen helaas niets.’

Verhuizen voor rust en ruimte

Toch hebben we nog nooit het advies gegeven: pak je spullen en verhuis. We zeggen het wel eens tegen gezinnen als de drukte van de Randstad te veel is. Je gunt die gezinnen en dus de kinderen juist meer ruimte in de bossen of de weilanden. Recent hoorde ik van een gezin dat dit ook echt het plan is. Niet vanwege het geld of de zorg, maar omdat de rust in het oosten van het land beter bevalt en het met hun zoon beter gaat.

Over onze eigen grenzen heen stappen, ook als gemeente

Trots ben ik op de ouders die zo’n moedig besluit nemen. Maar laten we  voorkomen dat we ook te maken gaan krijgen met ‘jeugdhulp-verhuizers’! Als we van gezinnen vragen om over hun eigen grenzen heen te stappen en de deur open te zetten voor hulp, laten we als gemeente dan ook over onze eigen grenzen heen stappen. Organiseer specialistische hulp op een grotere schaal en maak dit bovenregionaal toegankelijk. Op die manier kunnen we jeugdigen en gezinnen met een complexe zorgvraag de zorg geven die ze nodig hebben, ook iets dichterbij huis.

Tanja Mook, gedragswetenschapper Expertiseteam Complexe zorg
Jeugdbescherming west

Nog een blog lezen van Tanja Mook? Lees de blog: Hoe is het eigenlijk met Jaylinn?

Reacties op dit bericht

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Archief

Tags